startende ondernemeradministratiebelastingadviesstrategisch managementwerving & selectie
  actueel
pagina 1pagina 2
Laatste btw aangifte
Verzorgt u zelf uw btw-aangifte, voorkom dan boetes en rente door bij de laatste aangifte van dit jaar goed op de volgende punten te letten;

Correctie btw privegebruik auto
Correctie in het kader van de bedrijfkantineregeling
Overige correctie's zoals verstrekkingen aan het personeel.
Herziening voorbelasting investeringsgoederen

 

  Westra zakelijk en sportief doelgericht!
Westra financiele diensten neemt dit seizoen deel met een eigen team aan de zaalvoetbalbedrijven competitie van Sint Nicolaasga e.o. Onder de naam Westra Allroundadvies.nl zal om de week de strijd aangegaan worden met de andere teams.

 

Stuur ons altijd kopieën!
Stuur ons altijd kopieën van belangrijke belastingcorrespondentie. Daarmee voorkomt u vervelende situaties, zoals de volgende; de fiscus deed boekonderzoek, en stuurde het verslag naar de belastingplichtige en zijn belastingadviseur. De belastingadviseur maakte bezwaar, maar de inspecteur liet weten dat hij de aangekondigde correcties niet zou aanpassen en legde een aanslag op.

De inspecteur stuurde zijn reactie naar de belastingplichtige, en niet naar de belastingadviseur. De belastingadviseur hoorde pas na het verlopen van de bezwaartermijn dat de aanslag was opgelegd. De adviseur diende alsnog een bezwaar in, maar dat wees de belastingdienst af wegens termijnoverschrijding.

 
 

Maak bezwaar tegen beschikking WOZ eigen woning
In één van dezer dagen valt bij u de nieuwe beschikking WOZ bij u door de brievenbus. De WOZ beschikking gebruikt de gemeente als grondslag voor de heffing gemeentelijke belastingen. Maar deze waarde geldt ook als grondslag voor uw eigen woning forfait (Voor IB aangifte 2007) en voor uw aanslag waterschapslasten. Een zo laag mogelijke WOZ beschikking is dus van belang voor drie heffingen.

Indien uw beschikking WOZ naar uw mening te hoog is dan kunt u bezwaar maken. Hier gelden echter wel voorwaarden aan. Taxeren geeft nooit de exacte uitkomst. Daarom is er altijd een zekere marge waarbinnen de waarde van een woning of bedrijfsgoed is bepaald. De wetgever heeft daarom een drempel in de Wet WOZ opgenomen als men bezwaar of beroep wil instellen. Bij kleine waardewijzigingen heeft het dan geen zin om bezwaar te maken.

De bezwaarmarge is als volgt;
WOZ waarde object lager dan € 200.000 dan moet de waardeverhoging meer dan 5% bedragen.

WOZ waarde tussen de € 200.000 en € 500.000 dan moet de waardeverhoging meer dan 4% bedragen met een minimum van € 10.000

WOZ waarde tussen de € 500.000 en € 1.000.000 dan moet de waardeverhoging meer dan 3% bedragen met een minimum van € 20.000

WOZ waarde vanaf € 1.000.000 dan moet de waardeverhoging meer dan 2% bedragen met een minimum van € 30.000 en een maximum van € 100.000

Indien u van mening bent dat uw WOZ beschikking te hoog is dan kunnen wij u helpen met het opstellen van een bezwaarschrift.

Winstvrijstelling
De afgelopen drie jaren is het vennootschapstarief verlaagd van 34,5% naar 25%. Dit is voornamelijk aantrekkelijk voor grote internationale bedrijven en de grote BV’s en NV’s. Met de nieuwe maatregel van de winstvrijstelling profiteren de kleine ondernemers die vallen onder de inkomstenbelasting.

Naast de zelfstandingenaftrek, die de ondernemers nu al hebben, komt straks de winstvrijstelling van maar liefst 10,5 procent. Deze winstvrijstelling is onbeperkt. Of een ondernemer nu € 15.000 winst maakt of € 250.000, in beide gevallen is 10 procent vrijgesteld van de inkomstenbelasting.

Bij een winst van € 40.000,-- euro scheelt dat al gauw € 1.492,- aan belasting.

Grootste financier voor deze maatregel is de beperking van het afschrijven van bedrijfspanden tot maximaal 50% van de economische waarde van het bedrijfspand.

 
 

Aftrekbare ziektekosten
Lang niet iedereen maakt optimaal gebruik van de ziektekosten aftrek. In principe zijn de meeste niet-vergoede ziektekosten van uzelf en van uw fiscaal partner aftrekbaar. (boven de 1,65% van het verzamelinkomen) Zelfs de door u betaalde ziektekosten voor meerderjarige kinderen jonger dan 27 jaar en ernstig gehandicapte thuiswonende kinderen (geen leeftijdsgrens), als uw kind de kosten niet uit zijn eigen inkomen of vermogen kan betalen.

Niet aftrekbaar zijn;
• Premie basisverzekering
• De no-claim
• Kosten die u vergoed krijgt
• Kosten van medicijnen die u niet op voorschrift krijgt van een arts
• Kosten die geen verband houden met een lichamelijke of psychische stoornis (bijvoorbeeld plastische chirurgie om esthetische redenen)

Wel aftrekbaar zijn;
• De premie voor de aanvullende ziektekostenverzekering
• De premie voor een tandartsverzekering
• Niet vergoede maar wel voorgeschreven medicijnen
• Vast bedrag van € 23 per persoon voor de huisapotheek
• Uitgaven voor verzorging of verpleging
• Uitgaven voor extra gezinshulp
• 25% van de eigen bijdrage voor AWBZ zorg bij verblijf in een instelling
• Kosten voor hulpmiddelen (bijvoorbeeld bril)
• Reiskosten voor ziekenbezoek als de zieke langer dan een maand verpleegd wordt
• Dieetkosten

Daarnaast is er nog een extra aftrek van € 821 voor 65-plussers, voor mensen die minimaal 45% arbeidsongeschikt zijn, en bij specifieke uitgaven meer dan € 325,--.
Met ingang van 1 januari 2009 komt de mogelijkheid om ziektekosten af te trekken bijna helemaal te vervallen.


Korting en BTW
Verleent u geregeld kortingen aan uw afnemers? Hoe verwerkt u deze voor de BTW?

Korting op de verkoopprijs
Als u bij de verkoop van een artikel korting geeft op de verkoopprijs, komt deze korting direct in mindering op de vergoeding. U hoeft dus geen BTW af te dragen over een verleende korting.

Korting achteraf

Verleent u de korting achteraf? Dit kan bijvoorbeeld een omzetbonus zijn. Of u verleent korting als u goederen hebt teruggenomen (retourzending). Dan kunt u de daarover al betaalde BTW terugkrijgen van de Belastingdienst.

In zelfde tijdvak

De fiscus verleent de teruggaaf voorzover de vergoeding wordt verminderd of terugbetaald. U mag deze teruggaaf verrekenen met de door u verschuldigde BTW in de aangifte over het tijdvak waarin de korting of prijsvermindering is verleend. Voorwaarde is dat het verrekenen uit uw boekhouding blijkt. Daarom moet u afgegeven creditnota’s verwerken in uw administratie.

Korting voor snelle betaling

Mogelijk brengt u op een factuur een korting voor snelle betaling in mindering op het in rekening te brengen bedrag. Dan hoeft u over de korting geen BTW te berekenen. De korting behoort niet tot de vergoeding. Betaalt de afnemer echter niet op tijd en krijgt hij de korting dus niet? Dan moet u over het bedrag van de achteraf niet verleende korting alsnog BTW betalen. Bovendien moet u voor dat bedrag een aanvullende factuur uitreiken.

 
   
 

Schenkingsvrijstelling 2009
U kunt voor 31 december 2009 nog belastingvrij schenken aan uw kinderen, kleinkinderen en goede doelen.
Jaarlijkse schenking aan kinderen maximaal € 4556,--
Eenmalige schenking aan kinderen maximaal € 22.760,-- per kind. Het kind moet dan wel tussen de 18 en 35 jaar oud zijn en voor 1 maart 2009 moet er een schenkingsaangifte worden ingediend.
Schenking door grootouders maximaal € 2734,-- per kleinkind per kalenderjaar. (voorheen was dit per twee jaar)

Over het meerdere dat u schenkt moet u schenkingsrecht betalen.


Het wetsvoorstel Personenvennootschappen
Momenteel behandelt de Eerste Kamer een wetsvoorstel met nieuwe regels voor de zogeheten 'personenvennootschappen'. Het gaat hierbij om de maatschap, de vennootschap onder firma (V.O.F.) en de commanditaire vennootschap (C.V.). De geplande invoering was 1 januari 2006, maar dat wordt waarschijnlijk december 2009 of nog later.

In het wetsvoorstel is geregeld dat de personenvennootschappen in hun huidige vorm vervallen. Hiervoor in de plaats komen:

  • De niet-openbare vennootschap. Dit zijn samenwerkingsverbanden, die niet onder een gemeenschappelijke naam naar buiten treden;
  • De openbare vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid (OV);
  • De openbare vennootschap met rechtspersoonlijkheid (OVR);

Het huidige onderscheid tussen bedrijf (in een V.O.F. of C.V.) en beroep (in een maatschap) vervalt met deze nieuwe regeling. Wel komt er een duidelijk onderscheid tussen openbare vennootschappen en stille vennootschappen. Een belangrijk criterium voor openbaarheid is of er op een 'duidelijk kenbare wijze naar buiten wordt getreden'. Dit kan bijvoorbeeld door het voeren van een gemeenschappelijke handelsnaam.

Voor eenmanszaken en BV´s heeft deze wet geen consequenties en de huidige VOF´s en CV´s worden waarschijnlijk automatisch omgezet in openbare vennootschappen. Die omzetting zal met zo min mogelijk overlast voor ondernemers plaatsvinden.

1. De niet-openbare vennootschap
De niet-openbare maatschap is het best te vergelijken met de huidige stille maatschap en is niet wezenlijk anders. Wel komt er een afgescheiden vermogen. Dat wil zeggen dat zakelijke schuldeisers zich (met voorrang op de privé-schuldeisers) kunnen verhalen op de zakelijke eigendommen. Daarnaast hoeft de vennootschap contractuele afspraken pas na te komen, als een vennoot die naar buiten toe optreedt, hiervoor een volmacht heeft gekregen van de andere vennoten.

2. De openbare vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid (OV)
De openbare vennootschap is te vergelijken met de huidige vennootschap onder firma en het commanditaire vennootschap. Daarnaast zal ook de openbare maatschap (de maatschap die wel onder een gemeenschappelijke naam naar buiten treedt) straks een openbare vennootschap zijn.

Toe- en uittreden
Nieuw is dat de vennootschap blijft bestaan bij het toe- en uittreden van vennoten, tenzij het tegendeel in de overeenkomst is opgenomen. Dit geldt ook bij het failliet gaan van een vennoot. In deze gevallen worden de zogenaamde 'verblijvings, toebedelings- en voortzettingsbedingen' in vennootschapsovereenkomsten overbodig.

De vennoot die uittreedt, blijft persoonlijk verbonden voor de verbintenissen die zijn aangegaan met derden, in de periode dat hij vennoot is geweest. De verjaringstermijn is vijf jaar vanaf het moment van uitschrijving in het handelsregister.

Hoofdelijke aansprakelijkheid
Alle vennoten van een openbare vennootschap worden in de nieuwe regeling hoofdelijk aansprakelijk, behalve de commanditair vennoot. Het maakt hierbij niet uit of de openbare vennootschap rechtspersoonlijkheid heeft of niet (!). Deze regeling geldt nu al voor de vennootschap onder firma.
Door de nieuwe wet zullen dienstverleners en beroepsbeoefenaren die nu nog in een openbare maatschap werken (zoals advocaten, notarissen, accountants, tandartsen en apothekers) gaan samenwerken in een openbare vennootschap met een hoofdelijke aansprakelijkheid. Dit is een behoorlijke verzwaring van de aansprakelijkheid. Het kan een reden zijn om de openbare vennootschap om te zetten in een besloten vennootschap.

3. De openbare vennootschap met rechtspersoonlijkheid (OVR)
De belangrijkste wijziging in de nieuwe wetgeving is dat de openbare vennootschap ook rechtspersoonlijkheid kan krijgen. De vennoten blijven echter wel hoofdelijk aansprakelijk. Voordeel is dat de vennootschap dan zelf eigenaar kan worden van goederen (zoals bedrijfswagens of een bedrijfspand) en zelf een contract kan afsluiten.

Om rechtspersoonlijkheid te krijgen moet de vennootschapsakte in een notariële akte worden opgenomen inclusief de goederen die tot de vennootschappelijke gemeenschap behoren.

OVR of B.V.?
Volgens de nieuwe regeling is het betrekkelijk eenvoudig om een openbare vennootschap om te zetten in een B.V. De belangrijkste reden om dit te doen, zal vaak de beperkte aansprakelijkheid voor bestuurders en aandeelhouders in een B.V. zijn. De omzetting naar een B.V. heeft echter wel fiscale gevolgen. Laat u daarom altijd goed adviseren.

Fiscale gevolgen nieuwe wet
Naar verwachting zal er fiscaal weinig veranderen. De fiscale transparantie van de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting blijft gehandhaafd. Het kiezen voor rechtspersoonlijkheid (OVR) heeft hierop geen invloed. Een fiscaal wetsvoorstel moet nog ingediend worden.

Op het moment dat er meer zekerheid is over de datum waarop deze wet in werking treedt, zal er nog meer informatie volgen.

 
   

 

Vraag een T-biljet aan
Tot en met 31 december 2009 kunt u nog een T-biljet voor 2006 indienen. Als de teruggave meer dan € 13 is dan kunt u dit jaar nog tot het belastingjaar 2006 geld terugkrijgen door een T-biljet in te vullen. Het T-biljet moet uiterlijk op 31 december 2009 worden ingediend. Denkt u over 2004 of 2005 meer dan € 454 terug te krijgen? Dan kunt u zelfs het T-biljet voor die belastingjaren nog indienen.

Wijzigingen in de persoonlijke situatie maken het indienen van een T-biljet aantrekkelijk. Bijvoorbeeld wanneer u alleenstaande ouder bent geworden, of als er een kindje is geboren. Ook wanneer u een gedeelte van het jaar heeft gewerkt is het aantrekkelijk om een T-biljet in te dienen. Misschien is er niks gewijzigd, maar heeft u geen belastingbiljet ingevuld en had u de afgelopen jaren wel geld kunnen terugkrijgen, bijvoorbeeld in verband met giften, heffingskortingen, kosten kinderopvang, scholingsuitgaven. Met name de scholingsuitgaven kunnen nog wel eens een fiks bedrag opleveren. Houd er wel rekening mee dat u bij onnadenkend indienen van een T-biljet juist een aanslag kunt krijgen, in plaats van een teruggave. Laat dus tijdig een proefberekening door ons maken, om te kijken of het zinvol is een T-biljet in te dienen.


Teruggaaf regeling BPM bestelauto wordt vrijstellingsregeling 2007
Met ingang van 1 januari 2007 wordt de BPM-teruggaaf voor ondernemers die een nieuwe bestelauto kopen, omgezet in een uit de wet voortvloeiende vrijstelling. De vrijstelling wordt toegepast wanneer het kenteken van een bestelauto bij eerste registratie op naam wordt gesteld van een ondernemer in de zin van de omzetbelasting (BTW), die de auto voor meer dan 10% in zijn bedrijf gaat gebruiken. Er hoeft geen verzoek om teruggaaf of vrijstelling te worden gedaan. Voor de beoordeling van de voorwaarden is inmiddels een koppeling aangebracht met de geautomatiseerde BTW-systemen.
Gevolg van de wijziging is dat ondernemers vanaf 1 januari 2007 de BPM-component niet meer tijdelijk hoeven te financieren. Voldoet een ondernemer aan de voorwaarde dat de bestelauto meer dan bijkomstig zal worden gebruikt in het bedrijf, dan is daarmee de kous af. Daarnaast zal ook het verlaagde ondernemerstarief voor de motorrijtuigenbelasting automatisch worden toegepast.
Particulieren en andere niet-ondernemers die na 1 januari 2007 een nieuwe bestelauto aanschaffen, betalen niet meer de BPM aan de verkoper als onderdeel van de verkoopprijs, maar rechtstreeks aan de Belastingdienst. De belastingdienst stuurt daarvoor binnen een week na de tenaamstelling een aangifteformulier aan de betrokkene, onder vermelding van het door de importeur opgegeven en op het kentekenbewijs vermelde BPM-bedrag. De belasting moet vervolgens op aangifte worden voldaan binnen een maand na tenaamstelling van het kenteken.

 

 

Vergrijpboete voor dubieuze aftrekposten
Het opvoeren van aftrekposten waarvan u weet dat de inspecteur ze waarschijnlijk zal afkeuren, geldt als vergrijp en kan daarom tot forse boetes leiden. Bovenop de correctie kan nog een verhoging van maximaal 100% komen.

Dit overkwam een huisarts die in het jaar dat hij zijn praktijk staakte, verbouwingskosten aftrok als ondernemingskosten. Het ging om een verbouwing die het praktijkgedeelte van het huis weer geschikt moest maken voor bewoning. Dat waren overduidelijke privé-kosten vond de inspecteur en hij legde een vergrijpboete op van 50% (€ 4.480,-) op. De aard van de verbouwing was volgens hem opzettelijk onjuist voorgesteld als zakelijk. Het Hof Arnhem was het daarmee eens en handhaafde de boete.


Investeringen vervroegen of uitstellen
Om optimaal te profiteren van de fiscale voordelen, is het raadzaam om goed na te denken over het tijdstip en de hoogte van uw investeringen. Misschien moet u bepaalde investeringen vervroegen of juist uitstellen tot volgend jaar. Houd er verder rekening mee dat alleen bedrijfsmiddelen vanaf € 450 in aanmerking komen voor investeringsaftrek. En het totaal moet meer dan € 2100 bedragen.

Voor de investeringsaftrek is het moment van bestellen bepalend. Bestel dus nu nog. Er geldt echter een beperking als het bedrijfsmiddel nog niet in 2008 in gebruik is genomen. Heeft u slechts een aanbetaling gedaan en zou de investeringsaftrek hoger uitvallen dan de betaalde bedragen, dan wordt de investeringsaftrek verlaagd tot het daadwerkelijke betaalde bedrag. Het restant van de investeringsaftrek vindt dan in 2009 plaats mits een betaling ter grootte van de resterende aftrek is gedaan of het bedrijfsmiddel in gebruik is genomen.

 

 

Gebrekkige administratie kan grote fiscale gevolgen hebben!
Als de inspecteur in een administratie grote gebreken constateert, kan hij deze verwerpen. Hij maakt dan een correctie op de aangegeven winst en de belanghebbende moet vervolgens aantonen dat de inspecteur het fout heeft. Dit kan verregaande gevolgen hebben. Onlangs boog de rechter zich over het volgende geval: X en zijn echtgenote Y hebben een autorijschool. Zij houden zelf de administratie bij. De inspecteur stelt in 1998 een boekenonderzoek in. In de administratie treft hij een groot aantal onjuistheden aan. Er zijn verschillen tussen de dagontvangsten volgens de dagstaten van de instructeurs en de kasadministratie en er zijn grote verschillen tussen de door cursisten betaalde bedragen en de daarvoor geboekte ontvangsten. Op een aantal dagen is zelfs sprake van een negatief kassaldo, waarvoor X en Y geen verklaring kunnen geven. De inspecteur corrigeert de winst aan de hand van een theoretische omzetberekening voor de jaren 1994 tot met 1997 met gemiddeld f 300.000,- per jaar!

Hof Arnhem beslist dat X en Y een zeer gebrekkige administratie hebben gevoerd. De verantwoording van omzet en winst is verre van betrouwbaar. De inspecteur heeft de omzet terecht theoretisch bepaald. X en Y hebben hun winstaandeel tot een aanzienlijk bedrag te laag aangegeven en hebben dan ook niet de vereiste aangifte gedaan, zodat de bewijslast wordt omgekeerd. Vervolgens stelt het Hof vast dat X en Y niet hebben aangetoond dat de omzetberekening van de inspecteur onjuist is. Het Hof vindt de theoretische omzetberekening redelijk en niet willekeurig en stelt de inspecteur in het gelijk. Conclusie; een goede administratie is van groot belang!

   
Houd uw uren bij
Heeft u als ondernemer in 2009– aantoonbaar – ten minste 1225 uur in de zaak gewerkt? Bedragen deze ondernemers uren 50% of meer van uw totaal in 2008 gewerkte uren? Dan heeft u recht op extra aftrekposten. Dit zijn de zelfstandigenaftrek, mkb vrijstelling en eventueel meewerkaftrek en de aftrek voor speur- en ontwikkelingswerk. Bent u er bijna? Even doorwerken dus.

Bent u starter, dat wil zeggen; bent u de afgelopen vijf jaar in één of meer jaren geen ondernemer geweest en heeft u in die periode niet meer dan twee keer de zelfstandigenaftrek gebruikt? Dan hoeft u alleen te voldoen aan het 1225- uureis en niet aan het 50-procentscriterium. U heeft bovendien recht op de startersaftrek, dat is een verhoging van de zelfstandigenaftrek speciaal voor startende ondernemers.

 
   
  Fictief salaris directeur grootaandeelhouder verhoogd
Het gebruikelijke loon voor directeuren grootaandeelhouders gaat per 1 januari 2008 omhoog van € 39.000,- naar € 40.000,-. De bepaling van het gebruikelijke loon was gekoppeld aan de premiegrondslag van de WAZ, maar die is inmiddels afgeschaft. De staatssecretaris wil het gebruikelijke loon nu opnemen in de Wet op de loonbelasting. Hij stelt voor om het bedrag van € 40.000,- te indexeren, afgerond op een veelvoud van € 1000,-.

Het gebruikelijk loon is het forfaitaire bedrag dat een DGA geacht wordt te genieten en waarover belasting verschuldigd is. In bepaalde omstandigheden mag (of moet) het naar beneden of naar boven worden bijgesteld.
   
Een huis voor uw kind
Uw kind zoekt een koophuis? Dan is er voordeel te behalen, zowel voor u als uw kind. En de belasting betaalt mee.
Voor starters op de woningmarkt is het nog steeds vrij lastig om een woning te vinden die binnen het budget past. U kunt uw kind daarbij helpen door voor bank te spelen. Daarvoor hoeft u niet altijd het geld direct achter de hand te hebben. Ook als u niet voldoende vermogen liquide heeft, zijn er soms mogelijkheden. Bijvoorbeeld als u flinke overwaarde heeft in uw huis. En het levert nog geld op ook, zowel voor u als voor uw kind.
Een aantal mogelijkheden

1 Ouders lenen € 50.000 aan kind
Als u € 50.000 op een spaarrekening heeft staan dan levert dat maar weinig op. Behalve als u dat bedrag tegen 5 procent uitleent aan uw kind dat het geld gebruikt voor het kopen van een huis. U ontvangt de rente die u aan uw kind in rekening brengt. Deze rente is bij u onbelast, afgezien van de 1,2% vermogensrendementheffing die u over de vordering op uw kind moet betalen. Maar dat was ook het geval geweest als het geld op de bank stond of in aandelen was belegd. Het geld levert u jaarlijks € 2.500 op. Dat is duizend euro meer dan de meeste banken u aan rente willen bieden. Uw kind betaalt ongeveer 1 procent meer rente dan bij de bank. Maar de rente is voor uw kind wel aftrekbaar: als hij in het belastingtarief van 42 procent valt, kost deze lening hem per jaar netto slechts € 290 meer. Bovendien is er een kans dat het kind bij de bank een rentekorting krijgt omdat door uw bijdrage niet langer sprake is van een topfinanciering (met bijbehorende toprente) is er dan geen enkel nadeel? Jawel, u kunt namelijk niet vrij beschikken over uw geld. Doe het dan ook alleen als u het geld voor de langere termijn kunt missen.

2 Kind leent € 50.000 op overwaarde woning ouder
Niet alle ouders hebben een substantieel bedrag achter de hand dat ze voor een langere periode kunnen of willen missen. Hebben de ouders een eigen woning en ziet er voldoende overwaarde in, dan zou het een idee kunnen zijn om hierop een tweede hypotheek af te sluiten. Het kind gaat de lening aan, maar het onderpand is van de ouders: ze tekenen mee en zijn daardoor mede aansprakelijk voor de schuld. De rente die het kind betaalt, komt gewoon in aftrek tegen het progressieve tarief. Zo’n gedeeltelijke financiering via een tweede hypotheek op de ouderlijke woning kan voordelig zijn: zo kunnen de leencondities gunstiger worden (door het vervallen van de verplichting om vermogen op te bouwen in een levensverzekering of effectendepot) en kan de rente lager worden omdat niet langer sprake is van een tophypotheek. Er zijn ook een paar nadelen. Er moet twee keer voor de notaris worden betaald, omdat er twee verschillende akten zijn. En voor ouders die verhuisplannen hebben is deze constructie niet zo geschikt.

3 Ouder lenen zelf € 50.000 en lenen dat door aan kind
Er is nog een andere aantrekkelijke mogelijkheid als er geen geld vrij beschikbaar is. De ouders lenen geld bij de bank door middel van een tweede hypotheek op hun huis van bijvoorbeeld € 50.000. Hierover betalen zij een variabele rente van bijvoorbeeld 3%. Vervolgens lenen ze dat bedrag door aan hun kind tegen bijvoorbeeld 5%, vijf jaar vast. De ouders ontvangen 5% rente van het kind, zij betalen zelf 3%. Hun netto voordeel is dus 2 procent. Ofwel € 1000 per jaar. De 5 procent die hun kind als rente moet betalen is gewoon aftrekbaar als eigenwoningrente. En natuurlijk staat het de ouders vrij af en toe wat te schenken.
Let op: de extra schuld valt voor de ouders in box 3, de vordering is een bezitting in box 3. In principe worden de schuld en vordering gecompenseerd, maar schulden in box 3 kennen een drempel van € 2700,- per persoon. Afhankelijk van hun overige vermogensbestanddelen in box 3 zullen de ouders in box 3 maximaal (1,2% maal 2700 maal 2) € 64,80 extra belasting moeten betalen.
 
 
 
Alle Rechten Voorbehouden © Westra Financiële Diensten • WowyMedia